“Ze zijn zeker ongesteld, ofzo”

Toen ik net op de middelbare school zat vonden jongens het ontzettend leuk om, als ik me verdedigde na flauwe grappen of als ik ze wees op hun opmerkingen of gedrag, lachend tegen elkaar te zeggen dat ik ‘gewoon ongesteld’ was.

Volg de avonturen van screenwriter en director Orihana via Instagram!
Een verbroederend verweer: wat ik wilde zeggen was onbelangrijk. Zo’n gevoel van eensgezindheid had ik met niemand. Er werd me vaak verteld alles te negeren. Het zijn gewoon grapjes.

Het is nu tien jaar later, zulke situaties zijn verleden tijd. Toch? Ik werk nu bij een escaperoom met horror thema’s als game host. Mijn collega’s en ik moeten onze groepen streng verwelkomen en instrueren om ze zo in een onheilspellend sfeertje te brengen. Heerlijk is het.

Mijn favoriete collega is 19, heeft een ruige look met piercings en tattoos en een persoonlijkheid die haar formaat compenseert. Ze doet wat ze wil en zegt wat ze denkt. Ik ben koel, maar zij is cool. Als stoer en intimiderend duo kunnen we de mensen die binnenkomen makkelijk aan.

Er is echter iets waar we altijd lichtelijk stress van krijgen: groepen mannen. Mannen die zowel positief als negatief commentaar hebben op ons uiterlijk, het nodig vinden om nonchalant door ons heen te praten, of vrij grafische seksuele opmerkingen maken. Vaak hoop ik dat zo’n groep van mij is, zodat mijn collega met rust gelaten wordt. Instructies krijgen van twee jonge vrouwen is blijkbaar erg moeilijk voor ze.

Laats kwam die bekende zin weer voorbij: “Ze zijn zeker ongesteld, ofzo”, gevolgd door hartelijk gelach. Mijn collega en ik schudden stilletjes met ons hoofd naar elkaar. Is dit waar wij ons gevoel van solidariteit vandaan moeten halen? Uit ons samen gedenigreerd, kwaad en machteloos voelen?

Het is onze taak als hosts om mensen met een goed gevoel naar huis te laten gaan, dus klanten wijzen op hun seksisme is ongepast. Vriendelijk lachen tijdens het napraten is waar ik voor betaald word. De groep mannen verdwijnt lachend de avond in.

Ik vertel een jongen van werk dit verhaal, hopend op een greintje empathie. Hij reageert echter lichtelijk geïrriteerd, en ons gesprek wordt gespannen. “Het zijn altijd al grapjes geweest. Het is wat het is”, zegt hij. Een andere collega vraagt me of hier een probleem van maken niet bijdraagt aan het ‘irritante feministen’ stereotype. Ik begin aan mezelf te twijfelen. Wat is dan correct?

Stoer doen bij je vrienden in de klas is makkelijker dan oprecht luisteren naar wat iemand te zeggen heeft. En ja, we waren twaalf, iedereen heeft tijd nodig om te groeien en te leren. Moet ik dan nog steeds stil blijven bij mannen van veertig die nu zelf hun eigen kinderen opvoeden? Niets zeggen zal nooit iets veranderen, maar een confrontatie aangaan schaadt mij blijkbaar meer dan dat het goed doet. Kan iemand me vertellen wat de spelregels zijn?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *